Larapinta

De menselijke computer

Stel dat de mens een computer is. Om deze te laten werken zijn er bepaalde processen nodig om de computer te laten werken. Op het moment dat er nieuwe apparatuur op de computer wordt aangesloten zal men deze eerst moeten aanpassen aan de computer en dezelfde taal leren spreken. Daar is meestal een stuurprogramma voor nodig om de taalbarrière te overbruggen. Doet men dit niet kan dit een conflict met een ander programma of apparatuur aangesloten op de computer, oproepen.

Ditzelfde is er nu met de mens aan de hand. Er zit op dit een verouderde versie van een programma in de mens en dient vervangen te worden. Alleen, de mens heeft een sterke virusbeveiliging in zijn systeem gebracht die hij niet zo maar één twee drie uit wil zetten. In elk geval niet voordat hij er zeker van is dat dit geen kwaad kan. In de loop der eeuwen is vaak gebleken dat het juist was dat deze beveiliging aan stond. Het heeft de mens behoed voor vele inbraken op, of crashes van zijn computer.

Nu gaat de mensheid door een tijd heen dat men, wil men verder kunnen het beveiligingssysteem uit moet zetten omdat zowel wanneer hij dit aan laat staan de computer vast loopt en hij er niets mee kan en de enige optie om deze computer weer "normaal "aan het werk te krijgen is deze virusbescherming uit te zetten ZONDER dat hij weet of dit iets op zal lossen. Het enige waar hij op kan bouwen is om een beetje te geloven van wat de computer experts er van zeggen. Dat dit geen kwaad kan en het allemaal normaal is dat deze computer even raar doet. Helaas is er een teveel aan experts geweest die hem dit op verschillende manieren hebben verteld en ziet hij door de bomen het bos niet meer. Dus wat de mens over blijft is om voldoende zelfvertrouwen op te bouwen en op het eigen gevoel af te gaan.

Ik hoop op deze manier een klein beetje duidelijk gemaakt te hebben waar men als mensheid nu mee te maken heeft. De mensheid zal elk programma  wat op een computer past op de eigen computer moeten installeren. In elk geval worden daar alle aansluitingen in aangebracht zodat men er bewust van is dat elke computer gelijkwaardig is. De mens kan kiezen om een programma te gebruiken ja of nee. Hij zal niet verplicht worden om deze programma's allemaal tegelijk te kennen en de programma's die hij er al juist heeft  in gebracht opnieuw te installeren.

De mens dient alleen maar in te zien dat het enige onderscheidt van de eigen computer ten opzichte van welke computer waar ter wereld ook, komt door de manier en welke programma's hij wel of niet gebruikt. Maar dat dit niet maakt dat de ene computer beter dan de andere is. Het is simpelweg de manier waar op men met een programma om gaat die maakt dat het programma anders lijkt.
©Thea Lagendijk

To the English website